'de bakker'

😀De bakker

Een bezoekje aan de echte bakker is niet gelukt, daarom zijn we in de klas maar zelf aan de slag gegaan. We hebben koekjes gebakken en speeldeeg taartjes gemaakt. Naast het bakken konden wij spelen in onze bakkerswinkel en werden wij echte bakkers met de verkleedkleren. Experimenteren met graan, maïs en brood mocht niet ontbreken. Wij hebben spelletjes gespeeld, liedjes gezongen en tijdens de turnles werden wij hulpbakkers die broodjes gingen rond dragen. Een boterham besmeren met verfchoco was super leuk maar niet lekker om te eten. Deze week hebben wij veel gegeten, geproefd en geroken aan de ingrediënten. Het was een hele leuke week.
                                                                                                          
                       
 Taarten schilderen zoals wij ze wilden.
                                                              Zandkoekjes maken met receptenboekje.

                                                                Kneden, vormpjes uitsteken, zo deden wij dat.
 
     Speeldeeg met onze handen, heel leuk maar plakkerig.
                                                                                                                                                    
  Kneden, rollen, een broodje of een taart. Met of zonder graan dat was net het leukste eraan.
                                                                 

                                                                    
           Ik ben om 8.00 uur opgestaan,
om naar de bakker te gaan. Zijn winkel is al open.
Ik ga er een broodje kopen.                                   
                                               
 
                                                       
                                                            
  wit brood, bruin brood, krentenbrood want daarvan word ik groot!
           

                                                  
 Wij sjabloneren rond de broodjes en taarten, zo worden wij echte kunstenaars.

                                                      
In de experimenteerbak zat elke dag iets anders in, maar het lekkerste was wel het brood.
 
                                               
  Dragen van pittenkussens (broodjes) op ons hoofd.

                                                            
  Kijk Juf! wij zitten in de oven met ons broodje.

Ik heb Julie in de broodmand gevangen.    
                                         
Kijken, voelen, ruiken en proeven van verschillende ingrediënten.
Boterhammen smeren met verfchoco of verfconfituur
                                                          
  gekleurde hagelslag op de boterham


            








Afsluiting van de week een digitaal verhaal van 'zandkasteel aan zee' koekjes bakken.                                               

Mijn visie op geloof

                                    Wat is geloven, in wat geloven we?
                   Welke waarden en normen kunnen we best hanteren?
                             Wat willen wij onze kleuters bijbrengen?
                                        Op welke manier zie ik dit?
                           Hoe sta ik tegenover het leven en zingeving?

                          In een digitaal verhaal heb ik mijn visie, kracht en vertrouwen
                                                 geloof samen gebundeld.
                       Op  deze manier wil ik in het leven staan, tegenover kleuters.


                                Deze waarden en normen wil ik nastreven
                                  om een goede leerkracht te kunnen zijn.

 
 

Muziekkoffer

In een kleuterklas mogen muziekinstrumenten niet ontbreken.
De kleuters krijgen gevoel voor ritme, maken plezier, zingen en dansen. Maar muziekinstrumenten zijn duur en daarom heb ik ze zelf gemaakt.

Het zijn kindvriendelijke en  veilige instrumenten, gemaakt van kosteloos en degelijk materiaal die enkele jaren meekunnen.

                                                 
Wat zit er allemaal in de koffer:
 
schuurinstrumenten (houtenblokjes met schuurpapier)
raspinstrumenten (plastiekfles door midden gesneden en op plankje gemaakt)
kokofoon (kokos noten doormidden gezaagd met een handvat)
belletjes (op oude broeksriem belletjes bevestigd)
schudflesjes en doosjes (gevuld met verschillend materiaal zoals maïs, rijst, steentjes)
trommel (blik met bruin papier over dat gedompeld is in behangerslijm)
fietsbellen (fietsbel op een stokje geschroefd en tikstokje)
ritmestokjes (verschillende stokjes uit hout)
regenbuis (buis gevuld met rijst)
ratel
sambaballen
tamboerijn

Rituelenkoffer

Een rituelenkoffer kan je gebruiken bij een godsdienst moment in de klas. Het is wel belangrijk dat de symbolen die in de koffer zitten aansluiten bij de leef- en belevingswereld van de kleuters. De koffer moet uitdagend en speels zijn.

In mijn koffer zitten de volgende voorwerpen:

 
Gevoelens kaarten met aan de achterkant een gebed, liedje, verhaal of gedichtje op. De kleuter van de dag mag zeggen hoe hij zich die dag voelt: Bang, verdrietig, boos of blij en waarom hij/zij zich zo voelt. Aan de hand van wat het kind kiest, wordt het bijhorende gebed, lied en verhaal of gedicht voorgelezen.
 
 
Harten doosje met in het doosje bloemen. Hart (ik hou van jou), bloemen (een bloemetje voor jou).
 
 
Gelukspoppetje: (brengt je geluk).
 
 
Cd met 17 liedjes: Er staan instrumentale liedjes, het vliegerlied, lied van Jezus, Kind van God, Noah-ken je dit verhaal, God gemaakt, Vergeef mij, Vader enz. op.
 
 
Konijntje: (we troosten elkaar).
 
 
 
Kaarsje met lucifers: (Wij zijn een lichtje voor elkaar).
Schelpen: (schepping).
Zakje gevuld met zand: (zand erover).
 
 
Als de belletjes rinkelen maken we het stil.
 
 
Paperclips: (we kunnen apart functioneren maar als we ze samen in een ketting hangen creëren we een groep (groepsgevoel).
 
Stiltespelen: “wat voel ik” voor jongste kleuters, “sleuteldief” voor alle kleuterklassen en “veer blazen” voor oudste kleuters.
 
Verhaal “het konijn”. Het gaat over een konijn verzorgen, dat verdrietig was omdat het in een vuil hok zat.
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

Zindelijkheidstas

Hoe krijg ik mijn kind droog?
Op een speelse en leuke manier naar boekjes kijken en luisteren.
Een vertelkoffer of zindelijkheidstas is een leuke en leerrijke manier om samen met je kind aan de slag te gaan.

Wat zit er allemaal in de tas?
  • Boekje "Jules op het toilet".
  • Magneet boekje van op het potje, lees samen met je kind het verhaal en je kind kan de magneten erbij plaatsen.
  • Beloningskaart met zonnetjes, telkens je kind op het potje gaat mag het een zonnetje kleven.
  • Het potjes spel.
  • klaspop Jules met een potje zodat het fantasiespel van het kind wordt gestimuleerd.
  • Tips zindelijkheidskaart.
  • Stappenplan naar het toilet.






Handpoppen in de kleuterklas

Kleuters hebben het vaak moeilijk om over hun emoties te praten.
Met een handpop slagen ze daar wel in.
Ze praten tegen de handpop en niet tegen de juf. Het is een echt vriendje van hen.
Als je op jonge leeftijd leert om te gaan met boosheid, blijheid en verdriet, kun je die gevoelens later beter plaatsen.
Kinderen mogen boos zijn, verdriet hebben, gelukkig zijn, leer hen die gevoelens kennen en laat ze hen die ook uiten. Opgekropte woede is niet goed.
Wij als volwassenen zijn ook wel eens boos, verdrietig, gelukkig.

Een krantenartikel over handpoppen en hun nut ervan.
http://www.nieuwsblad.be/article/detail.aspx?articleid=043NOKBN

            





Handpoppen gemakkelijk zelf te maken.




spelletjes met sokpoppen

Sokpoppen theater
Laat het kind een sok uitzoeken en om de hand doen als een sokpop. Vraag het kind te bedenken hoe de sokpop heet en waar hij woont. Het kind kan een verhaal bedenken, maar als dat nog te moeilijk is, kan een gewoon vraaggesprek ook. Heeft het kind nog een oude sok met gaten erin? Met papier en wol kun je oogjes en andere kenmerken maken en op de sok lijmen. Nóg leuker wordt het natuurlijk als papa of mama ook een sokpop heeft, en ze samen een avontuur beleven!
Sok memorie
Verzamel enkele paren sokken, bijvoorbeeld vijf. Ze moeten wel allemaal verschillend zijn. Leg in de ene ruimte van elk paar één sok. In de andere ruimte leg je een doos met daarin de overige sokken. Het kind mag één sok grabbelen met de ogen dicht. Deze sok moet in de ene ruimte achterblijven. Het kind loopt naar de andere ruimte en haalt de juiste sok op. Is het de juiste? Dan mag het kind de volgende sok grabbelen en weer zoeken. Dit kun je moeilijker maken door de sokken een beetje te verstoppen.
Hooghouden
Maak van twee of meer sokken een balletje, door ze in elkaar te vouwen. Daag het kind uit de bal zo lang mogelijk hoog te houden, door er tegen te slaan (met de hand) of schoppen (met de voet), of met behulp van een ander lichaamsdeel. Zodra de sokbal op de grond komt, ben je af. Laat het kind tellen hoe vaak hij de sokbal hoog kan houden. Wie verslaat het record?
Sokkenwas
Span een stevig touw in de kamer, of zet een wasrek neer. Laat het kind de sokken ophangen met wasknijpers, steeds twee bij elkaar. Nu tellen jullie samen de sokken in sprongen van twee: 2, 4, 6, 8, etc. Hoeveel sokken hangen er aan de waslijn? Hoeveel sokken hebben wij nu aan onze voeten? Hoeveel sokken liggen er in jouw kast?
In de wasmand
Uiteindelijk moeten alle sokken in de was gegooid worden. Zet een wasmand in het midden van de kamer. Laat het kind vanaf een bepaalde afstand de sok in de mand gooien. Dit gaat makkelijker als de sokken een balletje vormen. Vanaf welke afstand lukt het nog in de wasmand te gooien?

Welbevinden van een kind

Welbevinden
'Als een vis in het water. Voelt een kind zich goed, dan is dat duidelijk te zien.
Op vele manieren toont het dat het gelukkig is.'
Kenmerken van welbevinden
  • Genieten: Het kind glundert, praat spontaan, zingt, glimlacht, schatert, ...
  • Ontspanning en innerlijke rust: ontspannen indruk
  • Vitaliteit:  Een kind straalt van levenslust.
  • Openheid: Het is blij met de aandacht die het krijgt.
  • Zelfvertrouwen: Positief zelfbeeld is de basis voor weerbaarheid.
  • In voeling met zichzelf: Verdringt geen emoties.

Als het welbevinden van een kind goed zit, staat het open om nieuwe dingen te leren.
'Plezier op school is de brandstof om graag en veel te leren.'


Om het welbevinden van een kind te testen.